VROEGER HADDEN WE NOG WINTERS

by DOLF PEETERS

Het is koud, nat donker. Het stormt en er komen natte klodders sneeuw omlaag. Mijn verstralers prikken verwijtend in de witte smurrie. Het is kwart voor elf als in ’22.45 uur’. Ik ben moe en helemaal alleen onderweg en op twintig minuten van huis. En ik moet enorm plassen. Het water staat me tot de lippen, maar voordat ik in deze ellende achter vijf lagen textiel mijn kouwelijke onderduiker heb gevonden? Ik moet er niet aan denken en geef wat meer gas.
Er staat iemand met een lantaarn te zwaaien. Om de onzinnigheid van het systeem te bewijzen staat er om 22.45 in een natte sneeuwstorm een compleet uitgerust alcohol en papieren controle team. De agente meldt me op beschuldigende toon dat ik in elk geval te hard reed. Mijn papieren, daar kan ik wel makkelijk bij. Ik geef haar mijn portefeuille en roep over mijn schouder: ”Natuurlijk ging ik te hard. Ik moet enorm piesen! Zo terug!”
Voordat alles weer prettig opgeborgen is duurt even. De wetsdienaars zitten allemaal weer in hun busje met dubbel beslagen ramen. De zijdeur staat open. Door mijn unieke,’supersize me’ formaat vanwege een door mijn Difi thermo-overall afgetopte vijf-laags verschijning is er geen kans dat ik erbij kan. Ik blijf dus wat gebogen naast het busje staan.

De agente merkt nog steeds bozig op dat mijn plaspauze erg lang duurde. ”Vijf lagen kleding doorploeteren en dan met koude vingers een achteruitkruipende vluchteling te pakken zien te krijgen is moeilijk hoor! Als u dat sneller had gekund had u even mee moeten lopen. Volgens mij heeft u ook minder koude vingers.”
De agente wordt assertief.
Een wat oudere manlijke collega geeft me mijn portefeuille terug en vraagt vriendelijk “Maar waarom ben je met dit rotweer onderweg op een motor? Een weddenschap of zo? Een bevalling. Ruzie thuis?” Ik wijs naar buiten.” Nee hoor. Niks aan de hand. Het werd wat later dan ik dacht. Dat ding daarbuiten is gewoon mijn auto. Handig met files en zo.” De agent trekt een borstelige wenkbrauw op en zegt: “Met dit weer sta ik dan liever in de file.”

De agente meldt dat de in het scenario voorgeschreven blaastest nog niet heeft plaatsgevonden. De oudere agent vraagt vriendelijk: “Heeft u gedronken?” “Nog niet, maar als u nu een borrel voor me heeft graag.” “Dat moesten we maar niet doen, gaat u maar. Doe voorzichtig en een goede reis.” De agente corrigeert hem: “Maar deze meneer reed te hard en hij heeft nog niet geblazen.”
De opperwachtmeester kijkt zijn pup vaderlijk aan. “Een motorrijder die met dit weer onderweg is of heel dom of erg ervaren. En als deze heel dom was geweest had hij zich al veel eerder doodgereden. Hij heeft dus niet gedronken en reed alleen te hard omdat hij een plas moest doen.” Ik zet mijn helm op en doe mijn handschoenen aan. Als afscheid druk ik nog even op mijn claxonknop. De dubbele Stebel Nautilus hoorns geven hun hoogst illegale loei van 142 dB(A). Mooi. Naar huis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.